Elke autoband heeft een snelheidscodering, weergegeven met één of twee letters op de zijkant van de band. Deze codering geeft aan hoe hard je maximaal met die band mag rijden. Het is dus een belangrijke factor bij het kiezen van de juiste banden voor je auto.
De fabrikant kijkt naar de theoretische topsnelheid van de auto en kiest daar een passende band bij. Binnen één bandenmaat bestaan vaak meerdere snelheidscoderingen.
Voorbeeld: bandenmaat 205/55R16
Zo is er altijd een juiste band beschikbaar, ongeacht welke motor in de auto zit.
Bij veel elektrische auto’s zie je dat dezelfde bandenmaat vaak een lagere snelheidscodering heeft, maar wel met een hoger draagvermogen.
Voorbeeld:
De volgende letters worden gebruikt om de maximale snelheid aan te geven waarvoor de band geschikt is.
Een band met een te lage codering gaat niet direct stuk. Er zit namelijk een veiligheidsmarge ingebouwd. Maar: de kans op oververhitting of een klapband neemt wel toe als je harder rijdt dan waarvoor de band ontworpen is.